16 Eenvoudige Kerstboomblokken maken met FPFP

16 eenvoudige Kerstboom blokken maken met Freezer Paper Foundation Piecing (FPFP)

Click here for an English version of this post

Lees hier mijn post met algemene informatie over FPFP

Klik hier voor het quiltontwerp waar dit blok onderdeel van is

Voor FPFP kun je het patroon meerdere keren gebruiken. Klik hier voor een pdf met het patroon 2x op 1 pagina.

Print deze en knip een van de patronen uit, netjes langs de buitenste lijn voor de naadtoeslag. Dit is je ondergrond voor het naaien (foundation). Trek, langs een liniaal, met iets

Kerf de lijnen in langs een liniaal, om netjes en scherp te kunnen vouwen

scherps waarmee je het papier niet beschadigt, over de geprinte lijnen tussen aangrenzende patroondelen. Dit maakt het straks gemakkelijk je patroon precies op de lijnen te vouwen.

Knip het andere patroon precies over de naailijnen, in losse malletjes zonder naadtoeslag. 

Malletjes op stof

Leg je malletjes een voor een met de glimmende (plastic) kant op de achterkant van de stof.  Zorg dat de draadrichting van de stof evenwijdig loopt met een rechte rand van je malletje. Strijk je malletje vast op de stof, zonder stoom.

Met een liniaal en een rolmes snijd je het lapje uit de stof, met een naadtoeslag van minimaal ⅜ inch [1 cm.] rondom. Ik heb aan de randen die aan de buitenkant van het blok komen een halve inch [1,2 cm.] naadtoeslag genomen. Snijd alle lapjes voor je eerste (proef)blok. 

Alle lapjes met naadtoeslag

Naaien van je proefblok

Ik naai met een patchworkvoetje (voor mijn Bernina Aurora 440 is dat nr. 37), en dun garen (Superior Masterpiece), zodat de naden zo plat mogelijk liggen. Je kunt met een normale steeklengte naaien, omdat je niet door papier stikt.

De patroondelen zijn genummerd op naaivolgorde (A1, A2, A3, etc.)

Leg eerst je lapje op je strijkplank, en daarna het patroon er overheen

Trek het malletje van lapje A1 af. Bewaar het malletje. Leg lapje A1 op je strijkplank(je), met de achterkant van de stof bovenop. Leg je patroon (foundation) er overheen, met de geprinte papierkant naar je toe. Leg het zo dat het lapje patroondeel A1 helemaal bedekt, met voldoende naadtoeslag rondom. 

Strijk lapje A1 vast, vanaf de papierzijde

Strijk het papier op het lapje met een droog (geen stoom) warm strijkijzer, zodat het lapje aan het patroon vastzit. (Je hoeft niet het hele patroon te strijken, daarmee plak je het alleen maar vast aan je strijkplank).

Patroon teruggevouwen, en naadtoeslag losgemaakt

Vouw de lijn tussen patroondelen A1 en A2. Vouw het deel met A2 over A1, naar je toe. Trek voorzichtig de naadtoeslag van A1 van het papier af. Als het erg vast zit, is je strijkijzer te heet. Zet de stand direct wat lager.

Bijsnijden van de naadtoeslag, tot een kwart inch vanaf de vouwrand van het patroon

Snijd de naadtoeslag bij tot een kwart inch [6 mm.] vanaf de rand van het patroon, met behulp van een liniaal en een rolmes.

Lapje A2 opgelijnd onder lapje A1, klaar om te naaien

Pak nu lapje A2. Verwijder het malletje, en bewaar dat. Leg lapje A2 nu op lapje A1, met de goede kanten op elkaar. Leg de naadtoeslagen exact op elkaar, of evenwijdig, zo dat de lichtste stof net iets uitsteekt t.o.v. de donkerder stof. Zorg ervoor dat lapje A2 patroondeel A2 helemaal bedekt, met voldoende naadtoeslag rondom, als lapje A2 na het naaien wordt teruggevouwen.

Naai met de naald tegen het FP aan, maar stik er niet doorheen

Schuif het pakketje onder de naald van je naaimachine. Gebruik het handwiel om de naald tot precies boven de stof te laten zakken. Schuif je FP tegen de naald aan. Laat je naaivoetje op het papier en de stof zakken.

Stik de naad, direct naast het FP. Voorkom dat je door het papier heen stikt!

Knip de draadjes af.

Vouw de lapjes open. 

Strijk de naad met je vinger goed plat.

opengevouwen na het naaien van A2

Leg de opengevouwen lapjes met de goede kant naar onder, en je patroon bovenop, op je strijkplank(je). Strijk lapje A2 vanaf de papierzijde, zodat het lapje aan je patroon vastplakt.

Strijk lapje A2 vast aan het FP, vanaf de papierzijde

Vouw de lijn tussen patroondelen A2 en A3. Trek de naadtoeslag voorzichtig los. Snijd bij tot een kwart inch.

Leg lapje A3 op A2, met de goede kanten op elkaar, zoals hierboven beschreven. 

Stik de naad.

Knip draadjes af, vouw, strijk, en snijd bij zoals hierboven.

Herhaal alle stappen totdat alle lapjes voor het hele blok genaaid zijn.

bijsnijden van het hele blok, net langs de buitenste lijn van de naadtoeslag

Pers tenslotte het hele blok netjes, en snijd het bij, langs de buitenste lijnen van het patroon (dus inclusief naadtoeslag!), met een liniaal en een rolmes. Trek het patroon los. Je hebt nu een blok af, en een patroon, klaar voor hergebruik.

Eenvoudig FPFP Kerstboom blok af, met patroon klaar voor hergebruik

Kijk even kritisch naar je blok. Zijn er dingen die je moet aanpassen voor de volgende blokken? Andere stof? Een ruimere naadtoeslag? 

Als je tevreden bent: Snijd nu de lapjes voor de volgende 15 blokken. Strijk eerst de malletjes op de stof voor 1 lapje van elk nummer, en snijd die met de juiste naadtoeslagen rondom. Laat de malletjes op de stof zitten, en snijd nu alle lapjes voor de rest van de blokken, rondom het lapje met de vastgestreken mal als patroon.

Houd alle gelijke lapjes zonder patroon op een stapeltje. Houd het lapje met het opgestreken malletje bij het stapeltje als referentie. Naai eerst alle lapjes zonder malletje, en houd die met het malletje apart tot op het allerlaatst, zodat je altijd je andere lapjes kunt checken voor het nummer en de juiste oriëntatie en draadrichting.

Als je nog niet tevreden bent na het naaien van je eerste blok: Snijd alleen de lapjes voor een 2e proefblok. Snijd pas al je stof als je zeker weet dat de stoffen en naadtoeslagen goed zijn voor jou.

Naaien van de overige blokken

Het FP kan meerdere keren gebruikt worden. De twee patronen die je hebt geprint zijn waarschijnlijk alles wat je nodig hebt voor de 16 blokken.

Maar, als je eerste blok goed gelukt is, kun je nu de volgende 15 ‘aan de lopende band’ naaien (chain piecing). Dat bespaart tijd en energie, maar je hebt meer patronen nodig.

Het voordeel van chain piecing is dat je achter elkaar alle lapjes A1 op je patroon strijkt. 

Vervolgens vouw je alle patronen achter elkaar, en daarna snijd je alle naadtoeslagen achter elkaar bij. 

Dan leg je alle lapjes A2 netjes op lapje A1, en naait ze achter elkaar (zonder de draad los te knippen) direct naast het papier. Dan knip je de draadjes pas los. 

Vouw alle lapjes open, en strijk de naden met je vinger goed plat. Strijk vanaf de papierzijde alle lapjes A2 aan het patroon vast, etcetera.

Maar je kunt natuurlijk ook alle blokken stuk voor stuk naaien, zoals je proefblok. Aan jou de keuze of je efficiënter wilt zijn met je FP, of met je tijd en energie.

Veel succes!

This slideshow requires JavaScript.

XXX Anneke

I love to hear what you think! Leave a response - Laat wat van je horen!

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s